Blind Proef
Een podcast over koken met een visuele beperking
8 days ago

vers geperst sinaasappelsap

Matthias en Steven persen er letterlijk alles uit. Ze tonen beiden hun toestelletjes om vers geperst sinaasappelsap op tafel te toveren. Je hoort ook waarop je tijdens het persen moet letten en hoeveel kracht je nodig hebt. Geniet van deze sappige aflevering met weinig pulp in de uitleg.

Transcript
Speaker A:

Hallo allemaal en welkom bij een nieuwe podcast van Blind Proof. En ik sta hier samen met Mathias. Dag Mathias.

Speaker B:

Dag iedereen.

Speaker A:

Mathias gaat voor ons iets heel simpels maken. Iets wat we allemaal wel lusten, denk ik. En ook gezond.

Speaker B:

Ja, we gaan vandaag gewoon vers geperst sinaasappelsap maken.

Speaker A:

Ja.

Speaker B:

Eigenlijk heel eenvoudig. Maar we gaan gewoon even demonstreren Ik heb hier twee spulletjes. Het eerste is gewoon een handpersje. Dat is eigenlijk een kommetje met daarboven een plastieke vormpje.

Speaker A:

Waarop je de sinaasappel uitperst. Hoe ga je dat ontschrijven?

Speaker B:

Een plastieke vorm met ribbels zodat je jouw sinaasappel of citroen daar ronddraait en dat perst jouw vrucht uit en dan rondom rond zitten gaatjes waar je sap doorloopt.

Speaker A:

En die vezeltjes blijven.

Speaker B:

Maar jouw pitten enzo, die blijven er dan in liggen. Ja. Nu, dat is goed genoeg voor één glas fruitsap. Meestal gebruik ik dit, omdat de afwas van mijn grootmachine meestal langer duurt dan dat je met dit bezig bent.

Speaker A:

Ja, ik zie het hier staan, het grote machine. En dat is elektrisch dan?

Speaker B:

Het grote machine is elektrisch. Het duurt me al minstens vijf minuten om in elkaar te steken, want dat is een foodprocessor. En ik kan daar met een blender op zetten, ik kan daar geraspel worteltjes mee maken, maar dat zijn allemaal aparte onderdeeltjes. Ik ga het uitleggen. Je hebt een grote plastieke kom. Dat staat op je bodemmotorblok, zal ik maar zeggen. Bovenkant heb je weer zo'n vorm. en dat gaat dus automatisch ronddraaien. Vroeger had ik ook zo'n toestel en daar moest ik alleen maar mijn sinaasappel op duwen.

Speaker A:

Ja, ik heb er ook zo eentje thuis.

Speaker B:

Maar deze moet ik dus wel met een draaiknop opzetten. Een aantal van deze vind ik ook. Hij gaat wel heel krachtig. Dus zelfs op het eerste standje gaat hij zo krachtig dat mijn dochter er een beetje schrik van heeft.

Speaker A:

Ja, oké.

Speaker B:

Ja, maar nu gaan we het vandaag met een grote machine doen. Het maakt ook veel lawaai. Ik heb daar veel afwas aan. Het is moeilijk om in elkaar te puzzelen. Dus meestal doe ik het gewoon met de hand.

Speaker C:

Ik vind dat eigenlijk niet zo erg.

Speaker A:

Maar oké, als je dan dat machine hebt zoals ik het heb, dus de grotere versie die jij nu hier laten voelen hebt, dus je hebt een kleine... Een klein dingetje, ik heb een iets grotere, elektrisch ook wel. Die afvalt eigenlijk wel heel goed mee, moet ik zeggen. Dan haal je gewoon die onderdeel eraf, je spoelt die een beetje onder het water en dan is dat ook wel gedaan.

Speaker B:

Ik weet het. Maar ik vind dat ook niet erg om dat even met de hand uit te persen.

Speaker D:

Nee, nee, nee.

Speaker B:

Maar goed, ik heb hier mijn grote snijplank, Steven. Ik heb hier op mijn grote snijplank al een paar sinaasappels gelegd.

Speaker A:

Ja, een stuk of vijf, denk ik.

Speaker B:

Ja, ik heb er al een paar gelegd. Wat ik meestal doe, is ik snij die in twee, ik leg heel mijn plank vol en daarna pers ik ze. dan gooi ik de afval weg, dan snij ik terug een hele snijplank vol. En je voelt aan de rand van mijn snijplank, daar zit een goot.

Speaker A:

Ja, hier, ja.

Speaker B:

Helemaal rondom rond. Dus als er wat sinaasappelsap af wil lopen, dan blijft dat hierin hangen. Dat gaat niet op de grond lopen. Ik hou wel van een grote plank, dan heb ik veel plekken.

Speaker A:

Het snijden van die sinaasappel wil ik nog even op terugkomen. Als blinde snij ik. Ik weet niet of jij dat doet. Een sinaasappel is een beetje als een appel. Je hebt daar een keiltje in en een kroontje. Ik snij die altijd gewoon doormidden.

Speaker B:

Door het kroontje?

Speaker A:

Nee.

Speaker B:

Ik doe de andere kant. Ik doe het kroontje en de onderkant daartussen snij ik.

Speaker A:

Dus ik neem het midden tussen het kroontje en de onderkant en dan snij ik door het midden horizontaal.

Speaker B:

Ja.

Speaker A:

En dan heb je twee mooie helften.

Speaker B:

Ja, dat doe ik ook. Maar ik zal zeggen, ik leg het kroontje horizontaal, zou ik maar zeggen. Dus ik neem mijn hand... neem ik die appelsien vast. Dan heb ik een soort bruggetje tussen mijn wijsvinger en mijn duim. Dan kan ik ook met mijn mes daaronder steken en voelen waar het midden is. Ik houd de appelsien vast. En dan moet ik gewoon naar beneden snijden op mijn plank. En dan is die mooi in twee even grote stukken. Als jij ze nu snijdt, Steven, dan zal ik naar de andere kant komen staan. En zal ik ze persen.

Speaker A:

Dus ik ben nu aan het snijden en ik denk dat dat, Matthias, ongeveer... We gaan daar nu niet moeilijk over doen. Ongeveer, kijk maar.

Speaker B:

Dat is goed genoeg.

Speaker A:

Twee mooie helften zijn...

Speaker C:

Het is daarom dat ik dat tunneltje doe. Omdat je dan echt kunt mikken tussen je twee vingers. Dan heb je het gevoel om hem echt goed in de helft te snijden.

Speaker B:

Oké, ik ga...

Speaker A:

Het is een goed mes, dus voilà. Deze is al beter. Kijk, deze is al beter.

Speaker C:

Leg ze maar op mijn snep. Ik leg de appelsien in mijn volledige hand.

Speaker B:

Dat zet ik op die punt.

Speaker C:

En dan moet ik aan de draaiknop draaien. En dan gaat het heel veel lawaai maken. Dat is het nadeel. Het gaat ook wel heel snel gaan. En dan kun je voelen wanneer je appelsien leeg is.

Speaker B:

Ik ga het even aanzetten.

Speaker C:

Nu, heb je enkel nog die schil?

Speaker D:

Ja.

Speaker C:

Ja, meestal zet ik die niet uit. Ik laat dat gewoon aan één stuk doordraaien. En dan neem ik gewoon van de ene appelsien naar de volgende. Je moet dat niet uitzetten. Natuurlijk, als je uitzet, kun je wel gemakkelijker terug mikken om die appelsien op het midden van die punt te zetten.

Speaker A:

Snap je? Ja.

Speaker C:

Ik heb nu een tweede vast. Ene die een stuk groter is. Je moet je wel wat opnijpen eigenlijk. Een beetje naar voren, naar achter, naar links, naar rechts.

Speaker A:

Ga je de kleine pers ook nog gebruiken of ga je dat deze keer niet doen?

Speaker B:

Nee, deze keer ga ik de kleine pers nog gebruiken.

Speaker A:

Want als je dat nu met die kleine pers zou doen, dan druk je gewoon die sinaasappel op de pers en je draait links-rechts met je sinaasappel er gewoon door. En ook zien dat alle delen een beetje gelijk zijn. Heb je, als je met de hand perst, een idee van wanneer het genoeg is?

Speaker C:

Je kan gewoon voelen. Als die pijl helemaal dun is, dan voel je gewoon de ribbels terwijl je draait. Hier, oké, om het uur, voel je gewoon dat er bijna niets meer tussen zit, tussen die ribbels die draaien.

Speaker A:

Het is een beetje feeling dat je moet hebben.

Speaker C:

Ja, je gaat dat wel zien. En oké, als je nadien die schil nog eens dichtknijpt en er zit niets meer in, er komt niets meer uit. Dan heb je zeker alles mee. Maar een beetje te lang kan ook kunnen kwaken.

Speaker A:

Nee, absoluut niet, want die velletjes gaan er toch niet door.

Speaker C:

Die velletjes zitten bij Vanok hangen, of toch een heel deel van die velletjes.

Speaker B:

In deze pers kan ik wel op

Speaker C:

een liter, dus ik moet dat ook niet tussendoor uitgieten. Dus we kunnen gewoon rustig verder werken en dan misschien straks gaan we het uitgieten en een glaasje drinken. Dan gaan we misschien wegknupen.

Speaker A:

Ja, dit is enkel hetzelfde.

Speaker C:

Ik heb denk ik drie kilo, dus

Speaker A:

we gaan wel even... Je kan het ook nog door een zeefje gieten. Mijn grootmoeder deed dat altijd. Die deed dat altijd.

Speaker C:

Je bent gezond.

Speaker B:

Nou, ik moet nog één ding zeggen.

Speaker C:

Ik heb er ook twee topstukken op. Eentje dat wat breder is, eentje dat wat kleiner is. Dat brede stuk is voor appelsine en pompemoeze. Het kleinere stukje is voor limoenen en citroenen.

Speaker A:

Ja.

Speaker C:

Dat is ietsje puntiger, ietsje minder breed. Dus je moet wel het juiste stuk kiezen, laat maar zeggen.

Speaker D:

Ja.

Speaker A:

Ja, ik wil nog ook even zeggen, het mijn-machientje dat ik heb, ik haal er gewoon het bovenste stukje af en dan begin ik gewoon te persen dus. En dan, ja... kan ik het gewoon uitgieten. Dus er zijn ook heel simpele machines

Speaker B:

die het... Ja, maar ik kan dit straks ook gewoon uitgieten, hè. Dus ik haal straks gewoon dat punt

Speaker C:

en die zeef eraf. Of dat moet zelfs niet, want hier hangt zo'n teuteken. Ik kan het gewoon van het machine halen en uitgieten.

Speaker A:

Ja, klopt. Maar ja, het is voor de luisteraar dat ze weten dat er... Heel simpele machintjes zijn en dat je dat gewoon zo kan kopen.

Speaker C:

Voor één citroen, als je één citroen nodig hebt als sap, dan neem ik toch een handdingsje?

Speaker A:

Ja.

Speaker C:

Of pak jij daar je machine voor?

Speaker A:

Ik heb alleen maar dat machine, dat elektrische machine.

Speaker B:

Zou je zeggen dat zo'n handdingsje misschien

Speaker C:

een euro kost bij de action of zo?

Speaker A:

Ja. Ik heb al gemerkt, als je een deftig glas wil hebben, Voor sinaasappels toch zeker één of twee en... Zeker twee, denk ik. Ja, drie is zo anderhalf glas, heb ik al gemerkt. Dus het is... Ja, als je een deftig glas wilt.

Speaker C:

En hoeveel appelsinen zou er hierin zitten? Ik denk een stuk of tien voor twee kilo.

Speaker A:

Ja. Dus je moet niet zeggen van één sinaasappel is genoeg, daarmee red ik het. Nee, dat moet je... Je moet er altijd wel een paar kopen.

Speaker C:

Meestal in de winkel verkopen ze dat ook niet.

Speaker A:

Nee, dat is in een netje.

Speaker C:

Dat is een netje met twee of drie kilo.

Speaker A:

En worden ze snel slecht? Hoe lang kan je ze houden?

Speaker C:

Een week kun je ze wel bewaren, maar eigenlijk, als je zoiets koopt, dan zou ik gewoon zeggen, drink elke dag een glaasje.

Speaker A:

Ja. Ja.

Speaker C:

Of pers in één keer voor heel het gezin. Je kunt dat ook wel een dag in de ijskast bewaren.

Speaker A:

Met een folietje op. Dat de vitamintjes er niet uit gaan.

Speaker C:

Gewoon nog een keer schudden voordat je het opdrinkt.

Speaker A:

Dat de pulp niet onderaan zit.

Speaker B:

Ja. Oké, gaan we nog wat persen?

Speaker A:

Ja.

Speaker C:

En dan gaan we straks uitgieten en dan nog eens proeven.

Speaker A:

Ja, tot straks.

Speaker B:

Tot straks. Oké Steven, dus we hebben nu een stuk of vijf, zes appelsien al gedaan, denk ik? Ja, ik denk het. Ik ga maar nu al een beetje uitgieten.

Speaker A:

Ja, anders gaat het te vol zijn.

Speaker B:

Stel dat we nu tien doen en de laatste is er weer net een te veel, dan loopt het over. Plus, nu gaat er van boven ook al heel veel pulp en pitjes en dat ga ik ook af en toe er iets uithalen.

Speaker D:

Ja, dat is nodig.

Speaker B:

Je kunt dat met een lepel, je kunt dat ook met je hand.

Speaker A:

Ik doe het altijd met mijn hand.

Speaker B:

Oké, ik ga gewoon als tip, als je zegt van ik ga in één keer echt twee liter sinaasappelsap maken, ja, aan mijn duur is dat bovenste roostertje helemaal vol, dus dan loopt je sap ook niet meer goed weg eigenlijk. Ik ga eens voelen. Oh, dus je hebt eigenlijk nog niet veel sap, nog niet veel pulp.

Speaker A:

Ik heb het gekronometreerd met jouw machine. Tussen de 30 en de 40 seconden per stukje sinaasappel.

Speaker B:

Het zat nog maar half vol.

Speaker A:

Het kan ook geen kwaad zijn.

Speaker B:

Geen goeie appelschine.

Speaker A:

Er zit niet genoeg stap in.

Speaker B:

Allee, niet zoveel. Ik ga het eerst in mijn drinkbus uitgieten. Dat is gemakkelijker, omdat het heel breed is.

Speaker A:

Zulke dingen doe ik ook vaak over de gootsteen. Als ik mors dat het niet op het aanrecht is.

Speaker C:

Oké, ik ga het even terugzetten.

Speaker B:

Het is niet het makkelijkste machine. Voilà. Ik ga direct mijn stopder terug opdraaien. Het is een bus van 750 milliliter, maar een helft vol dus. Er zat niet veel sap in onze appels. Oké, dat gaan wij verder doen en straks gaan we het proeven, denk ik.

Speaker A:

Ik denk het. Ja, we gaan het misschien hierbij laten. Ik ga nog even, Matthias, bij mij thuis dan, als ik bij mij thuis terug ben, we zijn bij jou thuis, ga ik nog even mijn machine in deze podcast bespreken. Twee minuutjes ofzo.

Speaker C:

Ja.

Speaker A:

En dan horen wij elkaar een volgende keer terug.

Speaker B:

Oké.

Speaker D:

Zo, we zijn bij mij thuis en ik heb dus mijn Philips fruitpers hier staan. Heb ik ook al heel lang. Er staat om te beginnen ook zo'n klein dingetje op dat ik er kan afnemen. Dat doe ik dan ook. En dan kan ik nu beginnen persen, want ik heb hem dus in de stroom gestoken. En dan kan ik nu beginnen persen. Ik ga je gewoon eens horen hoe dat werkt. Het gedraai moet je er even bij nemen. Ik druk er ook heel hard op. En wat ik dan na een tijdje, dus nu nog niet eigenlijk, maar wat ik dan ook wel doe is de draairichting veranderen. Dus bij deze pers kan ik dat wel. En dat kan soms ook wel makkelijker zijn om het sap eruit te krijgen. Dus dan draait die aan de andere kant. Alles is geperst, ik heb hier ook al een glas gezet. Wat ik nu eerst ga doen, is alle vuiligheid, alle pelletjes, eraf doen. Dan moet ik daar weer een stukje afhalen van mijn pers. Maar dat is eigenlijk helemaal niet moeilijk, want je voelt dat ook. Dus ik voel aan die teut en dan kan ik mijn vinger zetten aan die teut, dan kan ik dat stukje daar gewoon afhalen. Alleen zien dat we niet te veel morsen. Daar hangt ook nog een beetje sap aan, dus ik laat het een klein beetje uitlekken. En dan doe ik al die velletjes van het stukje dat hier in is, in mijn bord waar mijn sinaasappelresten in zijn. En dan ga ik dat straks allemaal in de vuilnisbak gooien. Straks ga ik dat ook nog onder de kraan een beetje uitspoelen. En ja, dan gaan we het... Zo, daar is nog een ding af, dat er nu even afvalt ook. Dus het stukje om te persen valt er nu even af, maar dat is niet erg. Dat zet ik er straks gewoon op. Hangt ook nog vol met restjes, dus daar toch altijd mee opletten dat je de boel goed opkast. Want je wilt ook niet met resten overzitten van de keer ervoor. En dan schiet er enkel nog mijn gietding over, waar ik mee dus kan gieten, in een glas dat ik hier gezet heb. Het is een mooi glas, ongeveer drie vierden vol, een groot glas. Drie sinaasappels heb ik daarvoor nodig gehad. We gaan even proeven. Niet slecht. En dan zeg ik tot de volgende blind proef.

Matthias en Steven persen er letterlijk alles uit. Ze tonen beiden hun toestelletjes om vers geperst sinaasappelsap op tafel te toveren. Je hoort ook waarop je tijdens het persen moet letten en hoeveel kracht je nodig hebt. Geniet van deze sappige aflevering met weinig pulp in de uitleg.

Dank om te luisteren! Heb je nog vragen, opmerkingen of suggesties, contacteer ons dan zeker.

[email protected]

Find out more at https://blindproef.pinecast.co